Skip to main content

Een avontuurlijke vakantiewandeling in het zuiden van Frankrijk leverde haar de nodige inspiratie om een verhaal te beginnen schrijven. Ze was toen 12 jaar. Nu, 18 jaar later, greep Joke De Meyer uit Schelle de kans om haar trilogie “Legende van Esper” voor te stellen aan het publiek, in de majestueuze Nottebohmzaal van de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience.

Foto’s: Joke De Meyer & Veronic Van den Bergh

De weg naar het resultaat

“Op jonge leeftijd voelde ik me al aangetrokken tot het ridderepos, fantasie- en avonturenverhalen en de middeleeuwen,” vertelt Joke. “Na die wandeling had ik zoveel ideeën opgedaan dat ik meteen in een winkelt een schriftje kocht om alles te noteren.” Het schriftje bewaart ze als een heus relikwie. Het was de start van een lange, leerrijke periode.

“Wat me vooral boeit in ridderverhalen, is het zoeken naar waarheid. Het grijze grensgebied tussen goed en kwaad. Het overwinnen van obstakels en het worstelen met vertrouwen,” filosofeert Joke verder.

Zelf omschrijft ze haar schijfproces als “chaotisch”. Zonder vast plan en zonder te weten hoe het verhaal zal eindigen, werkt Joke scènes uit. Nadien vormt ze de puzzel tot een chronologisch geheel. “In schrijverstermen zouden ze me een “pantser” noemen en geen “plotter”,” weet Joke.

18 jaar werken aan de “De Zilvervos”, “De Manenwolf” en “De Klaproos”. Je moet het maar doen. Maar voor Joke voelde het vertrouwd om, weg van de reële wereld, in gedachten rond te dwalen in het koninkrijk Esper en verhalen te spinnen.

“Esper was mijn veilige wereld, waarin ik alles zelf kon beslissen en laten gebeuren.”

“Mijn vertrekpunt is het klassieke ridderverhaal, maar met een moderne twist,” vindt Joke. “Ik wil mijn personages alle recht aandoen door hen niet in rolpatronen en hokjes te duwen.”

Veronic Van den Bergh

Advertentie

 

Contact met de lezer

“Ik schrijf jeugdliteratuur,” zegt Joke, “maar die richt zich tot iedereen die 12-plus is.” Via sociale media probeert zij verbinding te maken met haar lezers. En dat lukt aardig. Via die kanalen maakt Joke haar lezers deelgenoot van het ontstaan van haar boeken. “Ik laat hen soms namen verzinnen voor personages en ik zoek ook middelen via crowdfunding om kosten van correctoren, een coverontwerper en klimaatneutraal drukwerk te kunnen dragen,” verduidelijkt Joke. Laatst, bij haar boekvoorstelling in de Nottebohmzaal, kon ze enkele van haar lezers voor het eerst echt ontmoeten.

Leuk is ook dat Joke een playlist van filmmuziek lanceerde. De muziek die haar begeleidt tijdens het schrijfproces en die ook de lezers in de gepaste stemming kunnen brengen bij het lezen.

In eigen beheer

Zelfbewust koos Joke voor een eigen uitgeverij “De Belezenis”. Die runt ze zelfstandig naast haar deeltijdse job als redacteur bij het Vlaams Parlement.

In de schoot van De Belezenis, werkte Joke ook “Leesvuur” uit. Een project om, in scholen en bibliotheken, kinderen, met een heuse reiskoffer, aan te zetten tot lezen en leesangsten te overwinnen. Hierover geeft ze ook workshops.

Joke vindt het spijtig dat in sommige scholen fantasy en avonturenverhalen worden achtergesteld ten opzichte van andere fictie. Ze hoopt dat daar snel verandering in komt en speelt ondertussen met frisse ideeën voor nieuwe verhalen.

Advertentie

Leave a Reply